Pijneducatie

‘leven en pijn’

Maatschappelijk gezien zijn er veel mensen die langdurige pijnklachten hebben. In de fysiotherapeutische setting zien wij veel patiënten met (sub-) acute en chronische pijnklachten.  Vaak hebben deze klachten veel invloed op het dagelijks leven.

Fysiotherapie Musis stuurt aan op autonoom gedrag van de cliënt. Wij zijn er van overtuigd dat de cliënt regie wil houden over zijn/haar eigen leven, dit kan middels pijneducatie. Wij vinden het belangrijk dat u als patiënt geïnformeerd wordt over pijn, de werking ervan en welke invloeden het kan hebben op de klacht en hoe u hiermee om kunt gaan, zodat u meer leven krijgt naast de pijn.

Met name bij chronische pijnpatiënten is het van belang om op een holistische manier naar de klacht te kijken. Hierbij wordt er aandacht besteedt aan het lichaam, geest en het gedrag van de cliënt.  De sociale omgeving speelt een belangrijke rol in de pijnbeleving van de cliënt met pijnklachten. Een zuivere biomedische benadering (oorzaak-gevolg) schiet bij de chronische cliënt dus tekort.
Bij ons krijgt u naast inzicht ook handvatten om beter om te gaan met uw pijnklachten.

Pijn is in te delen in drie soorten. Namelijk acute, chronische en neuropatische pijn;
1. Acute pijn/nociceptieve pijn, bijvoorbeeld een enkelkneuzing of een snee.
Bij acute pijn zijn de klachten van 0 tot 6 weken aanwezig, bij subacuut 6 – 12 weken.
2.  Chronische pijn: pijn wordt chronisch genoemd wanneer deze minimaal drie
maanden aanwezig is, continu of afwisselend. Daarbij is de duur van de
klachten langer dan verondersteld/gebruikelijk.
3. Neuropatische pijn: pijn die ontstaan is of veroorzaakt wordt door een beschadiging (laesie) of niet goed functionerend zenuwstelsel.
Bij neuropatische pijn zijn er grofweg 2 groepen:  de groep waarbij er sprake is
van een laesie (MS, Parkinson, post-stroke, neuralgie of neuropathieën) en de
groep waarbij er sprake is van ontregeling (chronische pijnpatiënten).

Enkele belangrijke inzichten ter verheldering van het begrip pijn zijn :

  • Pijngewaarwording is afhankelijk van de hoeveelheid gevaar waarin  je brein denkt te verkeren en niet van hoeveel gevaar er daadwerkelijk is.
  • Pijn is één van de vele systemen ontworpen om je uit de problemen te houden, en is dus een effectief beschermingsmiddel.
  • De hoeveelheid pijn is niet gelijk aan de hoeveelheid weefselschade.
  • Als pijn aanhoudt wordt het zenuwstelsel beter in het gewaarworden/’maken’ van pijn.
  • Vezels die signalen doorgeven, geven het bericht ‘gevaar’ door en geen pijn. ‘Gevaar’ kan verschillende dingen inhouden, bijvoorbeeld: druk, temperatuur, de gedachte aan een situatie of een geur.
  • Aandacht is brandstof voor pijngewaarwording.